O

Obelia, Ovelia - Naald

Octavus, Octaaf, Octavinus, Octavius, Oktavian, Octave, Octavia, Octavie - Het Achtste kind

Ode, Oda - Erfgoed, rijk bezit

Odina - Extase, woede, razernij

Ofelia - Voordeel, nut, hulp

Oebele - Schitterende wolf, Schitterend door zijn erfgrond

Oke, Oeke, Okke, Oekje, Oke, Okje - Erfgoed

Olaf, Olav, Ole, Olena, Oline, Olof, Olf - Erfenis of Edele Zoon

Olda - Wijze, volwassene

Oldrik, Uldrik, Olrik, Ulrich, Olderico, Ulrique, Ulrica, Ulrike - Rijk en Machtig door erfgoed

Olesia - Beschermer

Olethea - Waarheidslievend

Oliana, Oleander, Olina, Olinda - Van geluk vervuld

Olfert - Beschermer van het erfgoed

Olga - Heilig (

Olivier, Olfert, Oliver, Ollie, Olivia, Olivie - Olijftak

Omer, Omerine, Osine - Vermaard door erfgoed

One, Onke, Onne, Onno, Unno, Oenke, Onje, Uneke - Gegevene, de Vrijgevige

Ondrea - Dapper, mannelijk

Onella - Fakkel

Onna - Genadig

Onora - Grote eer

Ophelia, Ophelie, Ophélie - Voordeel, nut, hulp

Oprah - Wegloper

Oraïa, Oralia, Orelia - Van Goud, lief, luchtstroom, wind

Orelind, Orelinde - Schoonheid, Elfenrijk

Orenda - Magisch, Magische poeder

Oretha - De Deugdzame

Oriana, Orianne - Van Goud

Orina - Vrede

Orla - Meisje met Gouden haren

Orlando, Orly - Beroemd in het land

Ornice - Ceder

Ortensia - Kleurige Tuin

Ortrun, Ortilia, Ortje - Speerpunt, Geheime kennis van de speerpunt

Oscar - Goddelijke Speer

Oswald, Answald, Osewaldus, Osewoud - Goden beheerser

Otte - De gegoede

Otto, Otte, Otto - erfgoed

Ovia - Ei

Owen - Lam of Jeugdige strijder